Voelgids
Voelen, op de tast lezen, werkt heel anders dan zien! Dat geldt voor teksten, maar zeker voor afbeeldingen. En daar gaat het hier over.
van detail naar geheel
Als je een tactiele tekening verkent, moet dat noodgedwongen van detail naar geheel. Je kunt immers maar een klein stukje tegelijk voelen. Alle stukjes die je voelt moet je in je hoofd aan elkaar 'puzzelen' en betekenis geven.
Dat gaat sneller als iemand:
- met twee handen werkt
- weet waar het over gaat (titel)
- al bekend is met het onderwerp of het soort tekening
En uiteraard moet de tekening goed gemaakt zijn om op de tast te lezen. Daarover later.
Met twee handen verkennen
Allereerst moet je als tast-lezer weten wat voor elementen (lijnen, texturen, vormen, punten) het blad vullen.
Je mist zomaar iets als je het blad niet eerst systematisch verkent. Dat doe je eerst globaal met twee handen. En vervolgens met je vingers. De wijsvingers spelen meetal de hoofdrol, maar de andere doen ook mee. Beweging is daarbij belangrijk.
Bijvoorbeeld: om goed te voelen hoe lang een lijn is of hoe hij loopt, laat je een vinger van de ene hand staan en volg je de lijn met een vinger van de andere hand.
Alle elementen moeten vervolgens betekenis krijgen. NB: bij deze eerste snelle verkenning hoef je nog niet te weten, wat wat is.
Weten waar het over gaat
Betekenis geven aan de elementen gaat sneller als:
- je al weet waar het over gaat, dankzij de titel.
- in kaarten zitten vaak legenda waarmee je kunt opzoeken wat wat is.
- braille- of tekstlabels kunnen behulpzaam zijn (met name in grafieken, kaarten, en dergelijke; in tactiele tekeningen van bijvoorbeeld foto's worden ze in principe niet gebruikt).
Bekendheid met het onderwerp of het soort tekening
- ben je al eerder tactiele tekeningen van profielweergaves van dieren tegengekomen? Bijvoorbeeld een paard? Dan snap je bij tactiele tekening van een koe meteen dat dit ook een dier moet zijn. Weet je dat een koe gekromde hoorns heeft die in een scherpe punt eindigen en dat die op zijn kop zitten? Dan vind je die waarschijnlijk wel zonder hulp. En zo ook bij andere dieren natuurlijk.
- Weet je hoe perspectief werkt? Dan snap je de uitleg die bij de lijnen wordt gegeven. Maar die uitleg is wel noodzakelijk. Want perspectief vervormt hoeken, vormen en lengtes. Ook voor mensen die kunnen zien, is een lijntekening met perspectief bijna 'onleesbaar!'
*** heeft iemand kunnen zien? kent iemand silhouetten enz.
Utleg
Er is dus eigenlijk altijd wel enige uitleg nodig bij voelbare tekeningen die de vingers helpt te identificeren en interpreteren.
Identificeren
Sosm is het handig om je uitleg te beginnen met de omtrek van een figuur. Maar het kan ook handig zijn om met een 'ankertje' te werken. Of meerdere ankertjes: kenmerkende en gemakkelijk te vinden elementen, waar je steeds naar kunt terugkeren en aan kunt refereren. Bijvoorbeeld een grondlijn, of een duidelijke centrale driehoek. Je helpt hiermee de lezer doordat hij weet 'dat hij goed zit met zijn vingers'; dat hij het bedoelde element inderdaat te pakken heeft.
Interpreteren
Vervolgens maak je duidelijk wat het element voorstelt; het krijgt betekenis. Je vertelt zo nodig ook wat er niet getekend kon worden en wat de lezer er dus bij moet denken.